In boksringen en stalen kooien mogen ze onoverwinnelijk zijn, als het gaat om de centen moeten professionele worstelaars hun meerdere erkennen in cijferaars met hemdsmouwen en stropdassen. Het Amerikaanse worstelbedrijf World Wrestling Entertainment (WWE) werd vrijdag gevloerd op Wall Street. ‘WWE K.O!’ en ‘Worstelaandeel krijgt oplawaai!’ Op de financiële pagina’s vliegen de metaforen in de rondte. Wat is er aan de hand?
Berenpak uit feestwinkel
Voor Europeanen is het nauwelijks te geloven dat iemand ook maar één cent investeert in een sport waarbij je punten scoort met Schwalbes waar zelfs Arjan Robben zich voor zou schamen.IJzingwekkend gebrul, misslagen en een berenpak uit een aftandse feestwinkel – het zijn de ingrediënten van catch-as-catch-can, het aloude kermisboksen dat in de VS een nieuw leven kreeg. Voor veel Amerikanen gaat er niets boven professional wrestling, zoals de sport per ongeluk is genoemd. Namen van helden als Hulk Hogan, Andre The Giant en KingKong Bundy zijn over de plas minstens even bekend als Wim Ruska, Anton Geesink en Mark Huizinga in de polder. Dat het verloop én de uitslag van de meeste matwedstrijden vooraf vaststaat (‘worked’, in het jargon) deert de doorsnee Amerikaan niet. Zolang hij maar met een potje bier en een pizza kan genieten van een ‘stiff’ (harder slaan dan de bedoeling is) of het incidenteel voorkomende ‘shooten’ (de voorgekookte afspraken negeren en proberen de winst binnen te halen), vindt hij alles best. Tenminste, zo leek lange tijd het geval.
Dreun van beleggers
Inmiddels dringt onder analisten het besef door dat de ‘nepsport’ aan populariteit begint in te boeten. Afgelopen vrijdag kreeg het aandeel van WWE, het in Stamford gevestigde mediabedrijf dat de tv-rechten exploiteert, een dreun van beleggers voor zijn kiezen. Het fonds leverde maar liefst 44 procent aan waarde in waarbij het aandeel zeventien keer snel dan normaal werd verhandeld. Het was de grootste klap sinds de beursgang van WWE uit 1999. Herkennen Amerikanen, aangewakkerd door het naderende WK, ineens het kijkplezier dat voetbal biedt? Wellicht. Wall Street meent dat WWE te weinig geld ontvangt in ruil voor de uitzendrechten die het bedrijf afgelopen week verkocht aan NBCUniversal. Omdat live sport nog een van de weinige momenten is waarop mensen massaal tv kijken, zijn de rechten van sportcontent de laatste jaren explosief gestegen, parallel aan de steil opgelopen adverentietarieven. Tijdens de zich maanden voortslepende onderhandelingen, anticipeerden beleggers op een lucratieve deal: het WWE-aandeel verdriedubbelde in waarde. Maar, hoewel de details niet bekend zijn gemaakt, is er naar het idee van analisten geen sprake van een droomdeal. En dus stroomt er speculatieve lucht uit het fonds weg.
Minder aantrekkingskracht
Toch is er meer aan de hand. De tegenvallende overeenkomst maakt duidelijk dat professioneel worstelen niet meer over de aantrekkingskracht van basketbal, tennis of American footbal beschikt. Eerder dit jaar lanceerde WWE een Netflix-achtige streaming videodienst die abonnees voor 9.99 dollar per maand onbeperkt toegang verschaft tot worstelpartijen. Om te kunnen renderen heeft de service minimaal een miljoen abonnees nodig, een aantal dat voorlopig niet wordt gehaald, zo liet het concern weten. Catch-haters die hopen dat de WWE binnenkort de handdoek in de ring gooit, moeten hun enthousiasme echter nog even in zien te tomen. De fopduiksport is in de VS nog altijd goed voor dertien miljoen wekelijkse kijkers. En de partijtjes worden in 133 landen uitgezonden. Kortom, voorlopig zijn we nog niet verlost van mannen als Big Daddy V, Brutus Beefcake en Undertaker.