Vanaf 1 juli wordt hij strenger aangepakt, de sluipmoordenaar die faillissementsfraude heet, maar Robert Jan Blom heeft bar weinig vertrouwen in de nieuwe wet die begin deze maand is aangenomen. ‘Een krachteloos flutwetje,’ noemt hij het zelfs.
Politici zien het nodige over het hoofd
Eindelijk gaat het gebeuren! Na de Tweede Kamer is ook de Eerste Kamer begin deze maand akkoord gegaan met een versterking van de aanpak van faillissementsfraude. Enkele kernpunten: bestuurders die fraude hebben gepleegd, mogen maximaal vijf jaar lang geen bestuursfunctie of commissariaat uitoefenen. Voorts wordt het strafbaar als de fraudeurs de administratie niet meer kunnen overleggen. Nu kunnen ze nog vaak de dans ontspringen omdat de curator een lege boedel aantreft, zogenaamd omdat de computer crashte of omdat er, zeer lokaal, namelijk precies in de boekhoudordners, brand uitbrak. Kamerleden, minister Ard van der Steur en zijn voorganger Ivo Opstelten – die deze wetswijziging in gang zette – zijn dik tevreden: zodra de wet in werking treedt, kan de faillissementsfraude effectief worden bestreden. Helaas hebben de politici het nodige over het hoofd gezien.
Geen klein bier
Nu gebeurt dat wel vaker zonder dat er direct een zee van rampspoed over ons heen rolt ware het niet dat we het hier niet over klein bier hebben. De media babbelen graag over het Oekraïne-referendum, de Europese schuldencrisis en de naargeestige vluchtelingenproblematiek maar aan de sluipmoordenaar die faillissementsfraude heet wordt vrijwel geen aandacht besteedt. Hij knaagt in alle stilte verder aan uw portemonnee, aan de staatsruif van de fiscus en aan de tegoeden van crediteuren. Als de kranten de faillissementsfraudeur scherper zouden belichten, kan de Nederlandse economie met dubbele cijfers groeien. Ga maar na. Volgens een conservatieve schatting, een aantal jaren geleden opgemaakt door het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatie van het ministerie van Justitie, is er bij een kwart van de faillissementsdossiers sprake van enige vorm van fraude. Tineke Hilverda, hoogleraar faillissementsfraude aan de Radboud universiteit, vermoedt dat zelfs bij een derde van de faillissementen fraude in het spel is. Uitgaande van achtduizend faillissementen, ruwweg het gemiddelde van de laatste vier jaar, gaat het dus om zo’n 2600 gevallen. Per jaar. De schade aan onbetaald gebleven vorderingen wordt geraamd op 1,7 miljard euro. Per jaar. De indirecte schade, zoals de ondermijning van het vertrouwen in het handelsverkeer, laten we maar even buiten beschouwing. Nog geen twee procent van de fraudeurs wordt strafrechtelijk aangepakt. Gaat daar dankzij de nieuwe wetgeving nu werkelijk iets aan veranderen? Ik vrees van niet. Om de volgende twee redenen:
De strafmaat is veel te slap
. Rol een zak op een drukke markt, pik tweehonderd piek uit de kas van de voetbalclub of graai een horloge uit een vitrine: als het een beetje tegenzit, wordt je opgepakt, voorgeleid en krijg je straf. Nou ja, op z’n minst moet je een paar uur het plantsoentje van een bejaardenhuis aanharken. Pik een paar miljoen van de Belastingdienst, de bank en je leveranciers en je kunt de schoffel gewoon laten staan. Je mag tot vijf jaar lang geen directeur meer zijn van een bedrijf, that’s it. Met een stroman ben je zo weer in business. Waarom geen kaalplukbeleid? Waarom wordt het gestolen bedrag niet tot de laatste cent teruggevorderd van de fraudeurs?
Er is te weinig opsporingscapaciteit
. Als onderzoeker van faillissementsoorzaken heb ik honderden keren met curatoren gesproken die in de papieren een penetrante fraudewalm opsnoven. Vaak draaiden ze hun neus de andere kant op. Ze lieten het erbij zitten: de boedelwaarde was niet toereikend om hun benodigde extra uren te financieren. En als ze wél de moeite namen aangifte te doen, kregen ze van het OM te horen dat er ‘voor dit soort zaken geen mensen’ beschikbaar waren. Kortom, als de overheid de term ‘harde aanpak’ serieus neemt, zal er veel meer (kundig) personeel moeten worden aangesteld, zoals ook Hilverda bepleit. En, het kan niet zo zijn dat de motivatie van de curator wordt beïnvloed door zorgen om zijn eigen salaris.
Flutwetje
Denkt u dat de overheid nu miljoenen gaat uittrekken om faillissementsfraude op te sporen? Nee, jammer genoeg niet. Zonder gespecialiseerde rechercheurs zijn de jatteneurs nauwelijks op te sporen en kan er geen bewijslast worden verzameld. Met dit krachteloze flutwetje blijft alles zoals het al jaren is. Let op mijn woorden.
Robert Jan Blom