Actuele informatie over faillissementen en surseances

 

In memoriam: de man achter het faillissement van de beruchte Banco Ambrosiano

Door:
Henk Hanssen
  |  18 december 2015
Hij meldde zich als vrijwilliger aan voor de zwarte stoottroepen van Mussolini, vocht aan de zijde van de Spaanse dictator Franco tegen de linkse republikeinen, sloot vriendschap met Herman Göring en bracht na WO-II nazi’s in Argentinië onder. In zakenkringen genoot Licio Gelli echter de meeste bekendheid als de man die de Italiaanse Banco Ambrosiano naar het faillissement loodste. Deze privébank van het Vaticaan en de maffia bezweek in 1982 onder een schuldenlast van 3,1 miljard dollar. Gisteren overleed de 96-jarige Licio Gelli, alias de Prins der Duisternis.

Geheimen in het graf

Er zijn mensen die memoires schrijven waarmee je hooguit de haard aan kunt steken en er zijn mensen die hooguit bij de haard, omringd door intimi, iets loslaten over hun leven – zonder ooit openhartige memoires te publiceren. Licio Gelli behoort tot de laatste categorie. Weliswaar liet hij in 1990 een biografie verschijnen, een soort zelfhelpboek met de titel Come arrivare al successo (vrij vertaald: Hoe succes te bereiken), maar de ware aard van zijn machinaties met de kardinalen, de CIA en de NAVO gaf hij daarin niet prijs. Tot verdriet van velen, neemt Gelli zijn geheimen mee in zijn graf, zoals de reglementen van de vrijmetselaars – hij was grootmeester van het Vrijmetselaarsgenootschap P2 – voorschrijven.

Regisseur van ‘de meest duistere mysteriën van Italië’

Il Puparo, zo werd hij genoemd, de poppenspeler. Hij gunde het licht van de schijnwerpers aan anderen, zolang hij zelf maar aan de touwtjes kon trekken. Nooit zal exact duidelijk worden volgens welk script Gelli zijn marionetten liet dansen. Het  Italiaanse dagblad La Repubblica wees hem aan als regisseur van ‘de meest duistere mysteriën van Italië,’ een omschrijving die vermoedelijk aardig in de buurt komt van het scenario waar Gelli zich van bediende. Hij zou betrokken zijn geweest bij de poging van oud-commandant Junio Valerio Borghese om in 1970 via een coup aan de macht te komen. Hij zou de architect zijn geweest van de samenzwering die in 1978 leidde tot de moord op Aldo Moro, de christendemocratische premier die flirtte met de communisten. En Gelli zou hebben getekend voor de moord op Roberto Calvi, de fameuze ‘bankier van God’, wiens lijk in 1982 onder een Londense brug werd aangetroffen.

Operatie Gladio

Woekerpolissen, een beetje manipuleren met de Libor-rente, graaien in de bonussenpot: de financiële schandalen waar wij ons in Nederland druk om maken zijn klein bier vergeleken met de zaken waar Licio Gelli zich in begaf – al bestaat de kans dat aanklagers en journalisten deze Prince of Darkness met elke affaire in verband brengen zoals steevast de naam van Henry Kissinger opduikt wanneer een rechtse sergeant waar ook ter wereld een staatsgreepje beraamt. Zo zou Gelli ook een van de breinen zijn geweest achter Operatie Gladio, een strikt geheim, door de NAVO en de CIA ondersteund netwerk van verzetsgroepen dat zich voorbereidde op de situatie waarin de legers van het Warschau Pact West-Europa hadden veroverd. Communicatie, financiën, wapenopslagplaatsen, safe houses: de ‘stay-behind’ eenheden van Gladio, die vanaf 1952 werden opgetuigd, beschikten over allerlei  middelen om met guerilla-acties een Sovjet-bezetting te ontregelen.

Spookbankier

Ongetwijfeld tot zijn verdriet zal de ijdele Gelli door het grote publiek niet worden herinnerd als onvermoeibaar strijder voor het behoud van westerse waarden maar als spookbankier van de Banco Ambrosisano, een particuliere instelling die voor de maffia en de Rooms-Katholieke kerk geld belegde in Zuid-Amerika en voorts in tal van andere mistige zaken betrokken was. Gelli’s rol werd onthuld door Michele Sindona, een Siciliaanse jurist die zich in de VS in de nesten werkte en tijdens een verhoor over zijn relatie met Gelli vertelde – een bekentenis die hij later overigens met de dood moest bekopen. Bij inval in Gelli’s huis in Toscane trof de politie een lijst met 962 namen aan van vooraanstaande lieden die behoorden tot de P2, een clandestiene vrijmetselaarsloge waar ook Roberto Calvi, directeur van Banco Ambrosiano, lid van bleek te zijn. Aan de hand van de namenlijst wist Justitie de praktijken van de bank te ontrafelen.

Failliet

In 1982 ging de Banco Ambrosiano failliet. Gelli sloeg op de vlucht maar werd in Genève gearresteerd terwijl hij bij een bank een paar miljoen dollar aan het opnemen was. Hij wist uit zijn gevangenschap te ontsnappen, bracht vier jaar door in Chili en  meldde zich in 1987 weer in Europa waar hij zich overgaf aan de Zwitserse autoriteiten. In de jaren negentig werd hij in Italië veroordeeld tot jarenlange celstraffen, onder meer voor fraude, spionage en samenzwering tegen de staat, maar uiteindelijk werd de zaak tegen hem geseponeerd. Officieel wegens gebrek aan bewijs, officieus met dank aan schimmige amici die de Prins der Duisternis tot aan zijn dood trouw bleven.


Volg het laatste nieuws en insolventies via Twitter
Volg het laatste nieuws en insolventies via Facebook
  • Binq Media B.V., Media Park, Locatie Heideheuvel H1, Mart Smeetslaan 1, 1217 ZE Hilversum, Nederland