Niet de crisis, niet de buitenlandse concurrentie maar de bouwers zelf zijn grotendeels verantwoordelijk voor de vierduizend faillissementen die de branche de laatste jaren heeft getroffen. In haar net verschenen boek Prijsvechten, van bouwfraude tot uitverkoop onthult journaliste Ingrid Koenen hoe de bouwbedrijven zichzelf het graf in vochten. Faillissementsdossier sprak met haar: ‘Nee zeggen is geen optie want voor jou zijn er tien anderen, dat is het juk waar de bouw onder zucht. Iedereen wil er vanaf maar niemand kan in zijn eentje die cultuur doorbreken.’
Wat was voor jou de aanleiding om dit boek te schrijven?
‘Het idee ontstond toen vorig jaar duidelijk werd dat het consortium dat de A15 Maasvlakte Vaanplein bouwt, een verlies van een kwart miljard euro moest nemen. Voorafgaand aan de gunning wees opdrachtgever Rijkswaterstaat er al op dat het aanbod van het consortium tweehonderd miljoen euro lager lag dan de andere inschrijvingen. Waarom namen de bouwers die klus toch aan? Waarom stapten ze met open ogen in zo'n valkuil? Die vraag fascineerde mij.’
Wat heeft je meest verbaasd gedurende je onderzoek?
‘Het besef dat het prijsvecht-mechanisme in de hele bouw doorwerkt. Van hoog tot lag, de hele sector doet er aan mee, ze schrijven zich allemaal bewust te laag in. Daarmee houden ze niet alleen zichzelf maar ook elkaar in een dwingende wurggreep. Opdrachtgevers balen omdat de projecten stroef lopen. Gedoe over meerwerk is onvermijdelijk, wat vaak tot rechtszaken leidt. Bouwers, installateurs, architecten en toeleveranciers, ze draaien allemaal belabberde marges, leveren de magerste kwaliteit en gaan in het ergste geval failliet. 'Nee zeggen' is geen optie, want 'voor jou, tien anderen', dat is het juk waar ze onder zuchten. Iedereen wil er vanaf maar niemand kan in zijn eentje die cultuur doorbreken. Gevolg: er wordt maar doorgemodderd en partijen blijven naar elkaar wijzen voor een oplossing.’
Kun je de omvang van het financiële leed in de bouwsector schetsen?
‘Er zijn meer vechtcontracten dan ooit. Bedrijven als BAM, Ballast Nedam en Strukton draaien al jaren miljoenenverliezen. Er zijn te weinig opdrachten, dus krijg je overcapaciteit en vechtcontracten, stelt Jan Hendrik Dronkers, een topman van Rijkswaterstaat, in mijn boek. De Top-10 van de Nederlandse bouwers draaide tussen 2010 en 2015 een gezamenlijke omzet van ruim honderd miljard euro, maar de aannemerij moest daar 185 miljoen euro verlies op nemen. Op het hoogtepunt van de crisis, in 2013, daalden de marges in de infra-sector naar een historisch dieptepunt van 1,1 procent, bij gebouwen en kantoren resteerde er een marge van welgeteld 1,6 procent. De complete productie kromp toen overigens met vijf procent.’
Je omschrijft de bouw als een branche die lijdt onder haar eigen systematiek van prijsvechten. Hoe is dit mechanisme ontstaan?
‘In mijn beleving heeft de bouw nooit een passend antwoord gevonden op het abrupte einde van de illegale prijsafspraken. Vanaf de jaren vijftig tot aan de jaren negentig bestond er een legaal systeem om bouwprojecten te verdelen. Nadat Brussel uit het oogpunt van concurrentievervalsing deze verdeling verbood, ging dat overleg ondergronds verder: met de onthullingen rond de bouwfraude kwam dit naar buiten. De bouwers mochten ineens geen afspraken meer maken maar moesten met elkaar gaan concurreren. Om toch van werk verzekerd te zijn, schreven ze te laag op opdrachten. Het Economisch Instituut voor Bouw heeft berekend dat bouwers in de afgelopen jaren consequent 25 procent onder hun eigen ramingen hebben ingeschreven.’
In de afgelopen jaren gingen er meer dan vierduizend grote en kleine bouwondernemingen failliet. De bouwbedrijven geven de crisis de schuld maar, kun je zeggen dat de sector het hoge aantal faillissementen ook deels aan zichzelf te wijten heeft?
‘Ja, door mee te gaan in de korte termijn strategie om gevulde orderportefeuilles te laten prevaleren boven winst. De combinatie van steeds grotere projecten met meer marktrisico heeft voor een gevaarlijke cocktail gezorgd die voor menige bouwer als een gifbeker is uitgepakt. Veel bedrijven schrijven rode cijfers en het aantal faillissementen was afgelopen jaren zelden zo hoog. “Bij grote honger ben je minder kieskeurig. Linksom of rechtsom zal er een correctie plaatsvinden,” zei BAM-topman Rob van Wingerden tegen me.’
Gaan er in Nederland meer bouwbedrijven failliet dan in andere landen?
‘In de afgelopen drie jaar gingen er volgens het CBS in Nederland vierduizend bouwers failliet. Mijn stellige indruk is dat die cijfers in vergelijking met andere landen aan de hoge kant liggen. Toch heeft de crisis ook in de omringende landen hard toegeslagen. Grote buitenlandse partijen kijken vaker over de Nederlandse grens om mee te dingen naar grote infra-projecten, wat de druk op de prijzen nog verder verhoogt.’
Wat kan de sector zelf doen wil de bouw weer een gezonde bedrijfstak worden?
‘De sector werkt sinds een half jaar hard aan een nieuwe Marktvisie. Partijen als Rijkswaterstaat, ProRail, Bouwend Nederland, NL ingenieurs, de Vereniging van Waterbouwers en MKB Infra willen het begin 2016 eens zijn over de nieuwe koers. Het doel is dat de bouw uiterlijk in 2020 weer een gezonde bedrijfstak is, met redelijke marges en risico's. Die ambitie is nooit eerder gezamenlijk vastgelegd, het is heel bijzonder dat iedereen dit streven nu deelt, dat men wil breken met het verleden van gedoe, van wij/zij-verhoudingen en spanningen. De overtuiging leeft dat het nu echt gaat lukken om de heersende cultuur te doorbreken: “We zijn nog nooit zo ver geweest en er is nog nooit zo bottom-up en op een gelijkwaardige basis gewerkt aan nieuwe uitgangspunten,” beweerde inkoopdirecteur Roger Mol van Rijkswaterstaat afgelopen week nog in vakblad Cobouw. De tijd zal leren of het dit keer echt lukt, want er zijn afgelopen jaren al diverse pogingen gedaan.’
Prijsvechten, van bouwfraude naar uitverkoop
Auteur: Ingrid Koenen
ISBN: 9789462451605
Uitgever: BIMM Media
Aantal pagina’s: 192
Prijs: € 19,95
Bestellen: www.bimmedia.nl/prijsvechten