Door mijn werk rond faillissementen ben ik weleens teleurgesteld in ondernemers, vooral omdat velen het bankroet lijdzaam op zich laten afkomen. Terwijl de schuldenlast toeneemt, worden er nauwelijks pogingen ondernomen om het bedrijf te redden. Maar gelukkig: er bestaan nog goede, dappere ondernemers, zoals modeontwerper Hans Ubbink.
Niet verantwoord
Vorige week meldde couturier Hans Ubbink onverwacht met zijn bekende modebedrijf Koan Coorporation te stoppen. Het is Hans niet gelukt zijn zaak in Nederland voldoende winstgevend te maken, ambities om naar het buitenland uit te breiden waren evenmin succesvol. Hij vindt het niet verantwoord om door te gaan totdat de curator aanbelt met de boodschap dat zijn bedrijf failliet is. Een triest maar beslist moedig besluit van Hans waarmee hij een voorbeeld geeft aan de vele andere ondernemers die op een faillissement afstevenen. Waarom ik Hans moedig vind?
Onderzoek naar schuldenlast failliete ondernemers
Kort geleden heb ik een onderzoek verricht naar aard en omvang van de schuldenlast van ondernemers op het moment waarop zij failliet werden verklaard. Wat bleek? De meeste gefailleerde ondernemers zuchtten drie tot vier jaar vóór de faillietverklaring onder een torenhoge schuldenlast: zij hadden toen al failliet verklaard moeten worden. Met andere woorden: deze categorie ondernemers heeft het zinkende schip nog jaren drijvende kunnen houden alvorens zij met hun schuitje ten onder gingen. Gedurende die periode is de schuld natuurlijk nóg veel hoger opgelopen, er is sprake van een ‘opgestapelde’ schuldenlast die niet zo hoog had hóeven te zijn als de ondernemer maar had geconcludeerd dat het zo niet langer kon. Die conclusie trekken, dát zou verantwoord ondernemerschap zijn geweest, in plaats van hangen en wurgen en het ene gat met het andere vullen.
Kostenbesparing van veertig procent
In het kader van mijn onderzoek heb ik berekend welke kostenbesparing gerealiseerd kan worden wanneer ondernemers hun activiteiten staken zodra overduidelijk vaststaat dat de tent niet meer te redden is. Gordels vast: de berg onbetaalde facturen zou met veertig procent slinken! De jaarlijks onbetaalde schuldenlast zou niet rond de € 4 miljard bedragen, maar hooguit € 2,4 miljard. Gek genoeg geldt in onze (Nederlandse) bedrijfscultuur de opvatting dat een ondernemer à la Ramses Shaffy moet blijven dóórgaan, letterlijk totdat de kantoordeur wordt dichtgespijkerd. Van wie één dag eerder vertrekt, wordt gezegd dat hij het ‘erbij laten zitten’. Ik heb veel ondernemers ontmoet die zich trots op de borst roffelden omdat zij met hun bedrijf in de weer bleven zolang de rechtbank het faillissement nog niet had uitgesproken. Tragische figuren.
Niet wachten op oordeel van rechter
Hans Ubbink is uit ander hout gesneden. Ik heb grote bewondering voor ondernemers zoals hij, entrepreneurs die met pijn in het hart de poort sluiten en níet willen wachten op het oordeel van de rechter. Voor ondernemers die blijven aanmodderen tot op de dag van het faillissement, heb ik geen woorden. Zij laten crediteuren, klanten en de belastingbetaler voor hun schulden opdraaien. Onder het motto ‘ik heb er werkelijk álles aan gedaan’ zadelen ze anderen met hun ellende op. Hans, het ga je goed. Ik zie uit naar je nieuwe activiteiten!
Robert Jan Blom