Actuele informatie over faillissementen en surseances

 

De oudste deurwaardersmarkt van Europa

Door:
Henk Hanssen
  |  3 maart 2014
Het is een van oudste deurwaardersveilingen van Europa. Al sinds 1549 wisselen in beslag genomen inboedels op de Vrijdagmarkt in Antwerpen van eigenaar. ‘Vandaag is een schone dag, meneer, we hebben een omgevallen boetiekske.’ Een reportage.

Ogen uitwrijven



Vermoedelijk is de Vrijdagmarkt nog net iets ouder dan het eeuwenoude stratenpatroon dat de markt omsluit. In elk geval heeft de markt zijn naam verleend aan het statige rechthoekige plein dat omzoomd wordt door knusse cafeetjes en patriciërspanden, waaronder De Gulden Passer, het gebouw waar de beroemde drukkerij Officina Plantiniana zich in 1576 vestigde. Net als de winkeliers van de chique modehuizen die de buurt kenmerken, zal ook de directeur van de drukkerij, de voorname Christoffel Plantijn, zich eens per week de ogen hebben uitgewreven bij het aanschouwen van het tafereel dat zich elke vrijdagochtend op de kasseien voor zijn deur afspeelde, het beeld is in bijna een half millennium nauwelijks veranderd. Ook in 2014 schuifelen tientallen mannen gehuld in sjofele leren jasjes langs de met een dik koord afgezette uitstalling van spullen, broedend op het juiste bod waarmee ze dat klassieke bed, die teakhouten tafel, dat Louis Quinze stoeltje of die veelbelovende kartonnen doos waar een Monopoly-spel uitsteekt, mee kunnen verwerven.

Bod bij de roeper



‘Ge moogt eerst kijken en vanaf een uur of tien kunt ge uw bod doen bij de roeper,’ legt François de Pauw uit. De besnorde zestiger behoort tot de vaste clientèle van de roeper, oftewel de veilingmeester. ‘Als ge slim zijt, komt ge vroeg, héél vroeg, om vijf uur in de ochtend, gelijk met de eerste camion die het plein oprijdt. Met een beetje geluk, kunt ge dan al wat schoons kopen, nog voor het de veiling opgaat.’ De Pauw rommelt in zijn jaszak en haalt er een klein koperen voorwerp uit bezet met doorschijnend glas. ‘Dit is m’n loepske, dat heb ik altijd bij me. Ik heb altijd in het diamant gezeten hé, hiermee kan ik de kwaliteit van een steen snel beoordelen.’ Hij steekt de loep schielijk in zijn zak en zegt: ‘De spullen die ge hier op het plein ziet, komen vooral van sterfgevallen. Er is nog een andere veiling waar de boedels van faillissementen onder de hamer gaan. Kom mee.’

Arrondissementskamer



We volgen de rookpluim van een op een sigaarstomp kauwende man en lopen een zijstraat van het plein in, de Drukkerijstraat. Aan een groot stalen hek wappert een papieren document waaruit af te leiden valt dat we de Arrondissementskamer van de gerechtsdeurwaarders betreden. ‘Hier is twee keer per week een veiling, op woensdag- en vrijdagochtend. De avond tevoren kunt ge op de site (gdwantw.be, red.) bekijken wat er zal worden aangeboden,’ legt De Pauw uit. We lopen een gang door en komen uit in een grote zaal met een melkglazen dak. Plukjes mannen – ook hier is haast geen vrouw te bekennen – drommen mompelend bij elkaar, wijzend naar een wagenparkje dat achter een touw tentoongesteld wordt. Een bordeauxrode Jaguar XJ, een quadmotor, een cyaanblauwe NSU Prinz – een West-Duitse oldtimer uit 1967 – en twee Landrovers, het oermodel in camouflagetinten en een in donkerblauw uitgevoerde moderne versie. Een openstaande roldeur leidt naar een loods met spullen van kleiner formaat, een magnetron, een wasmachine, vishengels. Een man met een leren pet duwt een keurende duim in de zitting van een skai bankstel en wandelt hoofdschuddend verder langs een partij rode barkrukken tot bij een afzetting waar kledingrekken en uitstalkasten achter staan.

Damesmodezaak



Wie een paar centen op zak heeft, kan zo een hippe damesmodezaak beginnen, zo lijkt het. Het grootste deel van de schemerige vertrek is gevuld met kroonluchters, etalagepoppen, leren ceinturen in felle kleuren, sieraden en accessoires en rijen luchtige jurkjes en topjes. Een man met een borstelig snorretje spiedt achter een touw nerveus om zich heen. Hij stelt zich voor als ‘d’n ontvanger, ik houd hier een oogje in het zeil.’ Hij plukt aan de rits van zijn blauwe bodywarmer. ‘Ja, vandaag is een schone dag voor ons,’ vertelt hij. ‘We hebben de boedel van een boetiekske en we hebben een Jaguar, een NSU… Wilt ge nog meer weten? Wacht, dan haal ik de roeper voor u. Let u even op dat niemand iets steelt?’ Hij stiefelt weg en keert even later terug met een rijzige, gesoigneerde heer in zijn kielzog. ‘Noem me maar Çois, zo kent iedereen me hier,’ zegt de sinjoor. ‘Hoe ik de veiling straks aan ga pakken? Transacties maken hé en een stukje entertainment brengen. Ach, het geheim van een juiste veiling is moeilijk uit te leggen. Ge moet een beetje ervaring hebben, dat is zeker en vast.’ Aan ervaring heeft Çois geen gebrek: ‘Ik kom al 52 jaar op de Vrijdagmarkt. Eerst als hulpje van mijn grootvader, die zat in het vervoer, en later met mijn eigen vader, hij werkte hier ook als veilingmeester. Vroeger veilden we alles op het plein, sinds een jaar of 25 hebben we ook deze zaal erbij. Het publiek is wel veranderd in de loop der jaren. Er zijn meer vreemdelingen gekomen, de sfeer is soms wat agressiever.

Natuurlijk gezag



Een half uurtje later beweegt Çois zich naar voren en neemt een positie in pal achter het koord. ‘D’n ontvanger’ scharrelt nijverig in de rondte en toont de spullen die worden geveild. Van agressie is weinig te merken. Met een zachte stem waar een natuurlijk gezag uitspreekt, hamert de Çois de stukken af. Een bestofte laptop gaat weg voor vijftig euro, een collectie jurken voor een paar tientjes meer. De meeste belangstelling gaat uit naar de auto’s. De Jaguar (‘Zonder papieren, zonder sleutels’) wisselt voor dertienhonderd euro van chauffeur. De twee tweedjasjes van de vorige eigenaar, die nog op de leren achterbank liggen, krijgt hij erbij cadeau. De oldtimer doet het verrassend goed: het hoogste bod voor de NSU komt uit op achttienhonderd euro. In een kleine anderhalf uur is de hele boedel verdwenen. Wie bij deze veiling zijn kans heeft gemist, kan op het plein nog zijn slag slaan. Tegen twaalf uur sjouwt een collega van Çois, een veilingmeester met een lange zwartleren jas, op de Vrijdagmarkt nog tussen huisraad, tafels met stripalbums en dozen, honderden dozen. Alles wat je kunt bedenken is ooit op deze markt verkocht, tot stukken land aan toe zoals de heerlijkheid Boom die op 29 januari 1751 ‘ter Vrydaegsmerckt der staet Antwerpen’ van de hand ging.

Opkopers



Wat er vandaag wordt aangeboden, zal de geschiedenisboeken niet halen. De veilingmeester wijst met een stok op een bundel latten en roept: ‘Ik heb tien euro voor deze beddenspiraal, élf euro voor de beddenspiraal, ik heb twaalf euro, eenmaal, andermaal…’ Het biedende publiek is veranderd. De mannen in de leren jasjes, veelal opkopers die iets zoeken voor hun meubelzaken in de naburige Kloosterstraat, drinken koffie of een pint kroegjes met namen als Camino, Atlas en Corso. Het zijn louter nog studentikoze types die hun vinger omhoog steken. Een jongen met een bleek gezicht grijpt net naast de beddenspiraal. ‘Jammer,’ bromt hij. ‘Ik had dat graag willen hebben. Nu ja, dan slaap ik nog maar een weekje op het tapijt. Volgende week is er weer een Vrijdagmarkt.’

Meer faillissement nieuws
Nieuwe faillissementen van 30 april 2026 Van de redactie | donderdag 30 april 2026
Zorgzuster en HSpro op MAA failliet Limburger.nl | donderdag 30 april 2026
Curator verhaalt tonnen na zorgfaillissement Alera Accountancy van Morgen | donderdag 30 april 2026
Nationaal & Internationaal Transport K.D. Beelen failliet verklaard Transport Online | donderdag 30 april 2026

Volg het laatste nieuws en insolventies via Twitter
Volg het laatste nieuws en insolventies via Facebook
  • Binq Media B.V., Media Park, Locatie Heideheuvel H1, Mart Smeetslaan 1, 1217 ZE Hilversum, Nederland