Een week geleden werd het Overijsselse stadje Rijssen opgeschrikt door de mishandeling van registeraccountant Ben Wevers. Twee onbekenden drongen zijn bungalow binnen en takelden de zeventigjarige Wevers zo gruwelijk toe dat hij moet vrezen nooit meer te kunnen lopen. Wat was het motief voor deze aanslag? Moest Wevers boeten voor een schadeclaim die hij indiende tegen een failliet bedrijf?
Aanwijzing
Op dinsdagavond 29 november moet Ben Wevers gedacht hebben dat hij niet lang meer zou leven. Liggend in een plas bloed, met gebroken nekwervels en zware verwondingen aan het hoofd, wist hij toch nog de kracht te verzamelen om een aanwijzing op de muur achter te laten. Hij schreef de tekst met zijn in bloed gedoopte vingers. Vervolgens viel de nacht in. Pas de middag daarop werd Wevers door zijn dochter gevonden nadat hij niet op een afspraak met haar was verschenen. Naar verluidt is er niets uit de luxe bungalow ontvreemd. De recherche onderzoekt momenteel of de mishandeling het gevolg is van een schimmig zakelijk conflict dat vrijwel exact een jaar geleden aan de oppervlakte kwam.
Vordering van acht ton
Op 15 december 2015 spreekt de rechtbank in Zutphen het faillissement uit over de ABI, de Achterhoekse Beleggings- en Investeringsmaatschappij, een financiële holding gevestigd in Warnsveld. Aanvrager is Ben Wevers die voor acht ton in de ABI heeft geïnvesteerd. Wevers wil zijn geld terugzien, ironisch genoeg uit het beleggingsvehikel dat door hem zelf is opgezet. Want, puur accountancywerk, dat doet hij nauwelijks nog. In 1979 heeft hij het (nog altijd bestaande) kantoor KroeseWevers opgericht; nadat hij de meerdere vestigingen tellende zaak begin jaren negentig verkoopt, gaat hij vooral ondernemen, groots ondernemen. Wevers ruikt kansen, vooral in Oost-Europa, waar de aandelen nog extreem goedkoop zijn, maar ook in Nederland. Samen met een zakenpartner heeft hij in februari 2008 de ABI opgericht. Maar met de in 2013 aangetreden directeur botert het niet. Enig bestuurder is Dick Peschar, een Amsterdamse zakenman die door zijn handel en wandel de bijnaam Tricky Dicky heeft verworven. Zo werd hij eerder veroordeeld tot een boete en een werkstraf wegens oplichting van de Rotterdamse bank HBU, Peschar zelf bleef volhouden onschuldig te zijn.
Hoger beroep
Ook rond de faillissementszaak van de ABI bepleit Peschar zijn onschuld. Hij ontkent dat Wevers dergelijke investeringsbedragen heeft overgemaakt en stelt ook zelf niet over geld te beschikken. Bovendien kán de bv helemaal niet failliet worden verklaard omdat de vennootschap een paar maanden eerder is ontbonden. Peschar gaat in hoger beroep tegen het vonnis maar verliest: op 1 februari van dit jaar bekrachtigt het Arnhemse hof het oordeel van de rechtbank in Zutphen. Het hof stelt dat ook een ontbonden rechtspersoon in een procedure tot faillietverklaring kan herleven wanneer aannemelijk is dat er nog baten zijn. De rechters verklaren het begrip ‘baten’ ruim te interpreteren. Ze hebben de indruk dat er baten uit de bv zijn verdwenen, ‘mogelijk’ als gevolg van ‘paulianeuze rechtshandelingen’, lees: het geld zou zijn weggesluisd. De vordering van Wevers blijft staan, ook het aansprakelijk stellen van Peschar wordt niet uitgesloten.
Exploitatie van IE-rechten
Aan Cees Klomp, de advocaat van Bierman Advocaten uit Tiel die zich op last van de rechtbank als curator over de zaak buigt, de netelige taak uit te zoeken wat er aan de hand is en welke baten er werkelijk in de boedel zitten. In zijn eerste faillissementsverslag legt Klomp uit hoe de ABI rendement trachtte te realiseren. De holding bezat een werkmaatschappij, Super Nova Sportsmarketing. Deze bv zou de intellectuele eigendomsrechten van sportmerken- en producten gaan exploiteren, rechten die door de holding zouden worden gekocht. Verwijzend naar verklaringen van Peschar, schrijft Klomp dat de rechten ten dele zijn verworven maar dat ze geen exploitatiewaarde bezaten omdat de daartoe benodigde licenties ontbraken. Aangezien de holding over te weinig middelen beschikte om ook deze licenties aan te kopen, zijn de rechten tenslotte weer verkocht, en wel aan Manhattan Investments AG. Hoe het precies zit? Klomp blijkt het ook niet te weten. Hij besteed geen woord aan de verhalen die circuleren over valse bankgaranties waarmee investeerders zouden zijn gelokt. De garanties zouden zijn afgegeven door de Gruppo Bancario del Titano uit San Marino, een bank die in werkelijkheid niet bestaat.
Onderhandelingen
Klomp laat het bij de notitie dat voor een precieze vaststelling nader onderzoek noodzakelijk is maar dat ‘iedere funding’ daartoe ontbreekt. Een maand geleden, op 7 november, publiceert Klomp zijn laatste faillissementsverslag. Hierin schrijft hij iets opmerkelijks: hoewel de vordering niet wordt erkend, zijn Wevers en Peschar met elkaar in onderhandeling getreden om buiten het faillissement tot een oplossing te komen: ‘Een overeenstemming lijkt haalbaar.’ Zijn de gesprekken tussen Wevers en Peschar volledig uit de hand gelopen? Of wordt Peschar in de media volkomen ten onrechte in verband gebracht met het gruwelijke lot dat Wevers heeft getroffen? Wevers is ook oprichter van de Middle Europe Investments Group, de beheerder van vier beursgenoteerde fondsen die volgens de VEB vooral opviel door bestuursruzies en povere prestaties die beleggers boos maakten. De fondsen werden in 2011 verkocht. Zeker is dat registeraccountant Wevers zich met oneindig veel meer zaken bezighield dan het controleren van jaarrekeningen van cliënten, voor zover hij daar nog aan toekwam. De recherche onderzoekt of hij zich daarbij de woede van (voormalige) relaties op de hals heeft gehaald. Grote vraag is: wat schreef Wevers met zijn wegvloeiende krachten op de muur van zijn woning?