De fameuze Italiaanse hoedenmaker Borsalino staat op de rand van een faillissement als gevolg van een teruglopende omzet en mismanagement. Wie redt de iconische gleufhoed van de ondergang?
Verlies van 22 miljoen
Het is maar weinig merken gegeven vrijwel synoniem te worden met het product of de dienst die zij vertegenwoordigen. Kleenex, Aspirine en Google hebben het, Borsalino heeft het – of hád het. Want, de maker van de vermaarde gleufhoed staat aan de rand van de afgrond. ‘De directie bekijkt momenteel verschillende opties om de financiële problemen te bestrijden en het bedrijf in staat te stellen zijn activiteiten voort te zetten,’ verklaarde ceo Marco Moccia een paar dagen geleden in de Italiaanse zakenkrant Il Sole 24 Ore. In 2013 zakte de omzet met elf procent tot 13,6 miljoen euro, resulterend in een verlies van 22 miljoen. Een woordvoerder meldde dat de verkopen recentelijk weliswaar weer iets aantrokken, vooral dankzij een toename van de vraag uit Israël waar orthodoxe joden zich graag met een Borsalino tooien, maar deze stijging is onvoldoende om de rode cijfers te verdrijven.
Gleufhoedenfabriek
Ooit werkten er in Allessandria, de Piemontese stad die het middelpunt vormt van de driehoek Turijn-Genua-Milaan, een paar duizend werknemers bij de gleufhoedenfabriek die in 1857 werd opgericht door Giuseppe Borsalino. Nadat hij bij een hoedenmaker in Parijs het vak had geleerd, keerde Giuseppe terug naar Piemonte waar hij samen met zijn broer Lazzaro een werkplaats opzette. Maar Giuseppe wenste zich niet te beperken tot het nobele handwerk, hij importeerde machines uit Manchester en begon in grote aantallen kwaliteitshoeden te fabriceren. De productie verliep volgens een uitgekiende procedé van vijftig verschillende stadia waarin ambachtelijke precisie werd gecombineerd met machinale snelheid. In de twintiger jaren verlieten jaarlijks twee miljoen hoeden de productiehal om in de hele wereld een dankbaar hoofd te vinden. Giuseppe’s zoon Teresio zette de strategie van zijn vader voort en wist ook beroemde hoofden te kronen met een vilten Borsalino.
Status van eigenzinnigheid
Met zijn rol als de vrijheidslievende caféeigenaar Rick Blaine uit Casablanca (1942) bezorgde Humphrey Bogart de hoed een status van rebelse eigenzinnigheid. Talloze artiesten volgden dit voorbeeld door eveneens de Borsalino tot hun handelsmerk te maken: van Jean Paul Belmondo, Alain Delon en John Belushi (The Blues Brothers) tot Harrison Ford, Johnny Dep en Michael Jackson. Hoewel de hoedenmaker in de loop der jaren zijn assortiment uitbreidde met horloges, parfums en zelfs helmen en retro-fietsen, is de omzet in een glijvlucht geraakt. Of het bedrijf er in zal slagen het tij te keren, is hoogst twijfelachtig. De meerderheid van de aandelen zijn tegenwoordig in het bezit van de beruchte investeerder Marco Marenco, die eerder betrokken was bij het failliet van het Italiaanse levensmiddelenconcern Parmalat en een Oostenrijkse gasbedrijf. In plaats van krachtdadig het management bij te sturen, houdt hij zich volgens Italiaanse kranten schuil in Zwitserland omdat justitie naar hem op zoek is wegens fraude en belastingontduiking.