Failliet gaan terwijl je bedrijf nog levensvatbaar is? Als het aan het kabinet ligt, is die barre praktijk straks niet meer mogelijk. Minister van Rechtsbescherming Sander Dekker heeft bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel ingediend om op dit punt de Faillissementswet te wijzigen. De nieuwe wet maakt het ondernemers straks mogelijk hun schulden te herstructureren zonder dat individuele schuldeisers dwars blijven liggen.
Scherp dalende curve aantal faillissementen
Het is niet ondenkbeeldig dat deurwaarders, partijenopkopers, curatoren en insolventiejuristen deze zomer wat onrustig op hun mediterrane ligbedden liggen te draaien. Niet vanwege de hitte of schurende zandkorrels maar omdat ze in het ongewisse verkeren over het werkaanbod. Weliswaar berichtte het CBS een paar dagen geleden nog dat het aantal faillissementen licht is gestegen (in juni werden er zeven bedrijven meer failliet verklaard dan in mei), maar het zou zomaar kunnen dat de statistieken dit najaar een scherp dalende curve te zien geven. En als je voor je boterham afhankelijk bent van faillissementen, kan dat vooruitzicht aan de blauwe Franse hemel een wolkje laten verschijnen.
Aardverschuiving voor schuldeisers
De Vereniging Voor Credit Management (VVCM), de belangenorganisatie voor creditmanagers en debiteurenbeheerders, betitelt de wetswijziging zelfs als een ‘aardverschuiving voor schuldeisers’. Wat staat er precies te gebeuren? De huidige (verouderde) Faillissementswet geeft een onderneming slechts beperkte mogelijkheden heeft om te reorganiseren. Een van de voornaamste hindernissen is het gegeven dat één schuldeiser een herstructureringsplan kan blokkeren, ook al is zijn schuld veel geringer dan die van crediteuren die wél met het plan instemmen. In dit verband wordt er in Den Haag nog altijd met afgrijzen teruggedacht aan het onnodige faillissement van truckfabrikant Daf, begin jaren negentig, dat volgde op de weigering van naar verhouding kleine schuldeisers om groen licht te geven aan een sanering.
Flitsfaillissement
De schaarse opties leiden er ook toe dat bedrijven het faillissement zelf vaak misbruiken voor doorvoeren van een herstructurering. In de afgelopen jaren wisten tal van ondernemingen, waaronder kinderopvangorganisatie Estro, garnalenpeller Heiploeg en lingeriebedrijf Marlies Dekkers, via een zogeheten flitsfaillissement een doorstart te bewerkstelligen. De Whoa (voluit Wet homologatie onderhands akkoord ter voorkoming van faillissement) geeft een bedrijf de mogelijkheid zonder dergelijke noodsprongen in te grijpen.
Bindend akkoord
Wanneer ernstige financiële problemen worden voorzien, kan een onderneming ervoor kiezen met schuldeisers in gesprek te gaan om te onderzoeken of een herstructurering haalbaar is. Wanneer de crediteuren in meerderheid instemmen, kan het akkoord door de rechter bindend worden verklaard (homologatie). Schuldeisers of aandeelhouders die tegen hebben gestemd, zijn daarmee gedwongen mee te werken. Zowel de schuldeisers als de onderneming kunnen het initiatief nemen de Whoa in gang te zetten. Het wetsvoorstel, waarover door het ministerie onder belanghebbenden al twee consultatierondes zijn gehouden, maakt deel uit van de uitgebreide herziening van de Faillissementswet die al zeven jaar geleden is ingezet. De Tweede Kamer behandelt de wet op 11 september.