Er heerst een vreemde sfeer in Nederland. De opluchting over de aantrekkende economie is haast tastbaar en tegelijkertijd is de angst nooit ver weg, de angst voor werkloosheid. In vrijwel elk gezin vallen geregeld woorden als ‘werk zoeken, solliciteren, afgewezen, uitkering’. Ja, in Fukushima hebben ze nog een baantje voor u maar hoe komt het leger Nederlandse werklozen weer aan de slag?
Politici zijn de grootste bangeriken
De grootste bangeriken vinden we onder hen die geacht worden het probleem te bestrijden, onze verantwoordelijke politici. Hoe lang kunnen zij volhouden dat de economie als een tierelier draait terwijl er nog altijd 600.000 mensen werk zoeken en een deel van hen waarschijnlijk nooit meer aan de bak komt? Maar er is ook angst in ondernemerskringen. Zij durven hun personeel nauwelijks nog een vast contract aan te bieden, verlamd als ze zijn door de gedachte hen ‘nooit’ meer te kunnen ontslaan. En neem de angst bij werklozen die door het UWV elke dag weer worden verplicht te solliciteren op spookvacatures in Verwegistan. En ook al die werknemers met een overeenkomst voor bepaalde tijd kunnen niet op hun lauweren rusten. Zodra de einddatum van het contract in zicht komt, lopen ze allengs schichtiger langs de koffieautomaat.
Werkloosheidscijfers vertellen niet het hele verhaal
Zoals dat in de politiek nu eenmaal gaat, vertellen de werkloosheidscijfers niet het hele verhaal. Het CBS telde in september 2015 604.000 werklozen. Dit zijn mensen van tussen de 15 en de 64 jaar die tenminste twaalf uur per week of meer zouden willen werken, aldus de definitie die de statistici tegenwoordig hanteren. Het UWV reikte aan 420.000 werklozen een WW-uitkering uit, de rest van hen bedruipt zich binnen het gezin of anderszins. Wie uit de WW gaat, schuift de bijstand in. De groep bijstandsgerechtigden neemt nog altijd toe, al vlakt de groei wel iets af. Half 2015 telde Nederland 443.000 mensen een bijstandsuitkering. Overigens heeft een op de tien van hen betaald werk: een (deeltijd)baan die minder oplevert dan het bijstandsniveau. En dan hebben we nog een stuwmeer van ruim 750.000 arbeidsongeschikten: de mensen met een WAO- (voor wie voor 1 januari 2004 geheel of deels arbeidsongeschikt werd), een WIA- (voor wie na 1 januari 2004 geheel of deels arbeidsongeschikt werd), een WAZ- (voor zelfstandigen die voor 1 augustus 2004 geheel of deels arbeidsongeschikt werden) of een Wajong-uitkering (voor arbeidsongeschikte jongeren).
1.680.000 mensen ontvangen een staatsloon
Op Statline, de site van het CBS, is pagina te vinden waar je, als je er wat langer naar kijkt, volkomen duizelig van wordt. Niet alleen omdat de pagina vol met cijfers staat, maar vooral als je beseft wat deze getallen betekenen. Over een verloop van jaren geeft de spreadsheet het totaal aantal uitkeringsgerechtigden van ons land weer. Exclusief de ruim drie miljoen (!) AOW-ontvangers, zijn er 1.680.000 mensen die maandelijks een staatsloon ontvangen. Het is een godswonder dat dit land nog functioneert, want daarmee zijn we er nog altijd niet als het echt om álle werklozen gaat. Houdt u uw rekenmachientje bij de hand. De 250.000 zzp’ers die te weinig werk hebben, horen er nog bij, net als de honderdduizenden jongeren met kruimelbaantjes, de 90.000 krachten uit de sociale werkplaatsen die voor een reorganisatie moeten vrezen en de honderdduizenden die niet als werkzoekend geregistreerd staan – alles bij elkaar mag u er gerust een miljoen bij op tellen.
Kerncentraleknoppenbediener in Fukushima
Nog niet zo lang geleden spoorde de regering iedereen, inclusief het handjevol huismannen en het legioen huisvrouwen, aan om betaald de handen te laten wapperen, er zou werk genoeg zijn. Genoeg? Het CBS telt om precies te zijn 135.000 vacatures terwijl minstens een miljoen mensen keihard een baan nodig hebben. Het is een aanmoediging waar zelfs de grootste cynicus zich voor zou schamen. Of misschien doelde het kabinet op de banen waar alleen de wanhopige doorzetter op klikt, uitdagende jobs als tuinboon- en tomatenplukker, putreiniger, medicijntester, bejaardenvoetverzorger, kantinemedewerker op een booreiland, wolkenkrabberglazenwasser of, voor de reislustige die-hard, kerncentraleknoppenbediener in Fukushima.
Minder faillissementen?
Wie gelooft er eigenlijk in dat verhaal over de groeiende economie? De werkgevers? Nou, zij zien hun omzetten bepaald niet tot grote hoogte stijgen. De zzp’ers? Velen van hen balanceren op de rand van de armoede. Al die werklozen? Zij geloven nergens meer in. De politici zelf? Zij roepen maar wat omdat ze vrezen voor hun positie. De consument? Menigeen is nog steeds bang voor de toekomst en houdt de hand op de knip. En zo is de cirkel rond. Dit jaar mogen we minder faillissementen noteren, dat wel. Maar vergeet niet dat er nog steeds ongeveer 15.000 mensen in de schuldsanering belanden: het de facto faillissementen voor particulieren en eenmanszaak-ondernemers. Ja, het gaat prima met onze economie.
Robert Jan Blom