Het Amsterdamse reclamebureau KesselsKramer is failliet verklaard. Het bureau, dat dit jaar dertig jaar bestond, groeide uit tot een van de bekendste creatieve bureaus van Nederland met campagnes als ‘I Amsterdam’, ‘Ik ben Ben’ en de beruchte antireclame voor het Hans Brinker Hotel. Volgens curator Els Doornhein werd het faillissement vrijdag uitgesproken, nadat het bedrijf twee dagen eerder al uitstel van betaling had gekregen.
Het faillissement volgt op het onverwacht wegvallen van drie grote commerciële opdrachten. Die klussen waren volgens de curator nodig om het bedrijf financieel gezond voort te zetten. Doornhein benadrukt in gesprek met RTL dat zij nog onderzoek doet naar de precieze oorzaken, maar noemt de ingetrokken opdrachten op basis van informatie van het bestuur de belangrijkste directe aanleiding.
Bekend om eigenzinnige campagnes
KesselsKramer werd in 1996 opgericht door Erik Kessels en Johan Kramer. Het bureau onderscheidde zich al snel met campagnes die humoristisch, tegendraads en opvallend waren. Vooral de campagne voor het Amsterdamse budgethotel Hans Brinker vestigde de naam van het bureau. Het hotel werd bewust neergezet als ‘het slechtste hotel ter wereld’, met grappen over niet-verschoonde lakens, uitzicht op blinde muren en een ‘eco-lift’, waarmee simpelweg de trap werd bedoeld.
Ook de campagne voor telecombedrijf Ben, met de slogan ‘Ik ben Ben’, en de wereldberoemde I Amsterdam-letters droegen bij aan de reputatie van het bureau. Daarnaast maakte KesselsKramer recent nog campagnes voor onder meer het Stedelijk Museum en het Holland Festival. Volgens de curator hangt Amsterdam momenteel nog vol met posters die door het bureau zijn gemaakt.
Druk op creatieve bureaus
Het faillissement komt op een moment waarop de reclamewereld sterk verandert. Digitalisering, de opkomst van platformen, veranderende verdienmodellen en verschuivende marketingbudgetten zetten bureaus al langer onder druk. Ook kunstmatige intelligentie neemt steeds meer taken over die voorheen door creatieve teams werden uitgevoerd. Dat maakt de markt sneller en goedkoper, maar vergroot ook de kwetsbaarheid van bureaus die sterk leunen op originele, menselijke creativiteit.
Oudgediende Engin Celikbas stelde in het FD dat KesselsKramer daarin niet het eerste bureau is dat in moeilijkheden komt en waarschijnlijk ook niet het laatste. De annulering van de grote opdrachten maakte die kwetsbaarheid nu pijnlijk zichtbaar.
Doorstart wordt onderzocht
De curator bekijkt of een doorstart mogelijk is. Volgens Doornhein beschikt het bureau nog altijd over een sterke naam en een talentvol team. “De naam klinkt absoluut nog steeds als een klok”, aldus de curator.
KesselsKramer werkte jarenlang vanuit een omgebouwde kerk aan de Lauriergracht in Amsterdam en had in het verleden ook vestigingen in Londen en Los Angeles. Het bureau bouwde daarnaast aan een digitale tak, een uitgeverij en een kunstgalerie. Opvallend is dat de kapel aan de Lauriergracht, waar het bureau jarenlang was gevestigd, sinds enkele maanden te koop staat voor 5,25 miljoen euro.
Uit de meest recente jaarrekening blijkt dat het reclamebureau eind vorig jaar nog over financiële buffers beschikte. Moederbedrijf KK Holding had wel een negatief eigen vermogen, maar is niet failliet verklaard. Het onderzoek van de curator moet uitwijzen hoe het bureau ondanks die eerdere buffers toch in korte tijd in financiële problemen terechtkwam.