Actuele informatie over faillissementen en surseances

 

Grootste faillissementen Wereldwijd Top-10

Door:
Henk Hanssen
  |  22 januari 2014
Financiële overmoed, corruptie, fraude én een kille Darwinistische managementfilosofie. Zie daar de oorzaken achter de grootste faillissementen aller tijden. Lees en huiver bij dit overzicht van Faillissementsdossier.

1. Lehman Brothers Holdings Inc.

Datum: 15 september, 2008

Bedrag: $ 691 miljard




De Duitse immigrant Henry Lehman zou zich in zijn spreekwoordelijke graf omdraaien wanneer hij wist dat zijn achternaam nog lange tijd zal worden geassocieerd met financiële misère van het meest treurige soort. In 1844 aangekomen in Alabama, begon deze veeboerenzoon, aanvankelijk alleen en later met zijn eveneens overgekomen broers Emanuel en Mayer, een kruidenierszaakje. Bijzonderheid: de Lehmans accepteerden niet alleen geld maar ook katoen als pasmunt waardoor zij hun business uitbreidden met een handelshuis in katoen. Nadat de katoenhandel zich van het zuiden naar New York verplaatste, openden de broers aldaar in 1858 een filiaal van waaruit meerdere financiële diensten werden aangeboden. Een dikke eeuw later hadden de broers, hun kinderen, kleinkinderen en opvolgers, een reeks instellingen opgeslokt om uit te kunnen groeien tot een van de meest succesvolle zakenbanken. Sinds de beursgang van 1994 tot aan het bankroet van 2008, had Lehman zijn netto winst met 600 procent zien stijgen: van 2.73 miljard tot 19.2 miljard dollar. Omdat veel investeringen gefinancierd werden met hefboomconstructies van aan hypotheken gerelateerde producten en diensten, bleken relatief geringe fluctuaties in deze markt genoeg om de bodem onder de Lehman-kolos weg te trekken. De vrees dat concern niet aan zijn verplichtingen kon voldoen, deed het trotse Lehman de das om en vormde de opmaat tot een wereldwijde bankencrisis.


2. Washington Mutual

Datum: 26 september 2009

Bedrag: $ 327 miljard




Ook de nummer-2 positie wordt ingenomen door een bank, en wel door de grootste leen- en spaarbank die ooit omviel: Washington Mutual. In 2003 riep bestuursvoorzitter Kerry Killinger nog vol bravoure: ‘Wij hopen voor deze branche te doen wat Wal-Mart in zijn tak van sport heeft bereikt… Als we over vijf jaar ons werk hebben gedaan, noemen ze ons geen bank meer.’ Killinger kreeg gelijk. Welke aanduiding hij voor zijn bedrijf in gedachten had, weet niemand, een lustrum later was de term ‘bank ‘was in elk geval niet meer van toepassing. Toen in 2007-2008 de subprime-hypothekencrisis ontbrandde, daalde de waarde van het aandeel van $ 30 naar $ 2. In september 2008, nadat bezorgde klanten binnen tien dagen $ 16.7 miljard aan deposito’s onttrokken, viel het doek. De regering greep in. Toezichthouder FDIC dwong WaMu, zoals Washington Mutual in het jaron heette, een aantal bezittingen te verkopen aan JP Morgan. Op 26 september werd de WaMu-notering bij Wall Street geschrapt.


3. WorldCom

Datum: 21 juli 2002

Bedrag: $ 103 miljard




Dat niet alleen wankele financieringsconstructies maar ook ordinaire fraude tot een faillissement kan leiden, bewees Bernard Ebbers. Deze in Canada geboren oprichter van WorldCom, een telecommunicatiebedrijf dat in het pre-mobiele tijdperk van de jaren tachtig veel geld verdiende met long distance calls, mag tegenwoordig een kruisje op de muur krassen voor elke dag die hij in de cel uitzit. Op 63-jarige leeftijd werd hij in 2005 door een jury schuldig bevonden aan onder meer valsheid in geschrifte en samenzwering. Een paar maanden later werd hij tot 25 jaar cel veroordeeld. Pijnlijk: het was vooral de getuigenis van Scott Sullivan, de chief financial officer, die Ebbers de gevangenis induwde. Sullivan vertelde de jury hoe het bedrijf, nadat de voorgenomen fusie met Sprint - een andere telecomgigant - mislukte, zijn afzwakkende groeicijfers camoufleerde door uit de duim gezogen inkomsten in te boeken. Om aandeelhouders en investeerders tevreden te stemmen, werden de resultaten over zeven kwartalen opgekrikt met een bedrag van maar liefst vijf miljard dollar. In de beklaagdenbank hield Ebbers stug vol dat hij van niets wist. De jury reageerde met een kenmerkend: no mercy.


4. General Motors

Datum: 1 juni 2009

Bedrag: $ 91 miljard




De koning is dood, lang leve de koning! In 2013 verkocht GM wereldwijd 9.714.652 auto’s, een stijging van vier procent ten opzichte van 2012 (9,3 miljoen verkochte auto’s) en het beste verkoopcijfer sinds 1978 toen er 9,55 miljoen auto’s de fabriekspoorten uitreden. Is er in de tussentijd niets gebeurd? GM was toch failliet? Jazeker, maar dit faillissement staat inmiddels in de annalen als een van de meest vitale wedergeboortes uit de moderne industriegeschiedenis. Omdat de banken als gevolg van de kredietcrisis huiverig werden leningen te verstrekken voor de aankoop van een auto, daalden de verkopen halverwege 2008 tot een dieptepunt. GM greep hard in: Hummer, Saab, Vauxhall en Saturn werden verkocht en zelfs van het merk Pontiac werd - ondanks zijn rijke historie – afscheid genomen. In juni 2009 ging het bedrijf de Chapter-11 procedure in. Het kreeg uitstel van betaling en de faillissementsrechter stond toe dat de activa werden verkocht aan een nieuwe vennootschap terwijl in het ‘oude’ GM, omgedoopt tot Motors Liquidation Company, het failliet werd afgewikkeld. De aandeelhouders zagen de waarde van hun belangen met 95 procent dalen en moesten vervolgens tandenknarsend toezien hoe de herstructurering vaardig ter hand werd genomen. De Chevrolets, Buicks, Cadillacs en zelfs de Opels – dat in Europa voor het eerst in veertien jaar zijn verkopen heeft zien stijgen – vliegen de garages uit. Terwijl voor 95 procent van de Nederlands bedrijven geldt dat surseance van betaling het voorportaal van een faillissement vormt, laat GM zien dat de vergelijkbare Chapter 11 procedure een uitweg biedt naar een nieuw begin. Tegelijkertijd heeft de doorstart van GM geleid tot een nieuwe discussie over Chapter 11 omdat schrijnend duidelijk is geworden dat dit hoofdstuk uit het Amerikaanse faillissementswetboek de belangen van onvoldoende waarborgt. En dat is een understatement.


5. CIT Group Inc.

Datum: 1 november 2009

Bedrag: $ 80 miljard




Ook CIT Group, niet te verwarren met Citigroup of de CITIC Group, wist zichzelf via Chapter 11 van vers bloed te voorzien. Het financiële concern uit New York, gespecialiseerd in financiële diensten voor het MKB en de luchtvaart- en transportsector, raakte begin 2009 in zwaar weer dat zich zelfs door een injectie van 2.3 miljard dollar uit het noodpakket van George Bush niet liet verdrijven. Een zorgvuldig voorbereid ‘voorverpakt faillissementsplan’ (‘A prepackaged bankruptcy plan,’ aldus de directie) slaagde hier wel in. Het plan, dat vooraf door een meerderheid van crediteuren was goedgekeurd, voorzag in voortzetting van
zijn diensten, van vitaal belang voor talloze middelgrote en kleine ondernemingen, nieuw management en het afschudden van tien miljard dollar aan schulden. Obligatiehouders kregen zeventig cent voor iedere dollar tegen zes cent die zouden overblijven in geval van een ongecontroleerd bankroet.


6. Enron Corp.

Datum: 12 februari 2001

Bedrag: $ 65 miljard




Een scriptschrijver die in deze lijst op zoek gaat naar het faillissement met de meeste dramapotentie, komt zonder twijfel bij nummer zes uit, het illustere energiebedrijf uit Houston dat over de kop ging door uit de hand gierende investeringen op de goederentermijnmarkt. Maar, het zullen niet alleen de frauderende topmanagers die miljoenen in hun binnenzak staken die de scenarist zullen interesseren, evenmin de accountants die bewijsmateriaal door de shredder haalden of de constructies met de bijna duizend dochterondernemingen die hun bestaan aan één doel dankten: het ontduiken van belasting. Nee, de scenarioschrijver zal vooral gegrepen zijn door het personage van Jeffrey Skilling, de CEO van Enron, een man die zich liet leiden door een Darwinistische visie op de wereld. Het fundament voor zijn managementfilosofie werd gelegd door De zelfzuchtige genen, een boek van de Britse bioloog Richard Dawkins, dat uiteenzet waarom mens en dier worden geleid door de principes van the survival of the fittest. Skilling vertaalde dit principe naar het heden en stelde vast dat geld en angst de enige zaken zijn die een mens motiveren: onversneden egoïsme als motor van progressie. Elk half jaar liet hij elke medewerker van zijn bedrijf ‘keuren’: wie tot de best presterende vijf procent behoorde, ontving een royale bonus; wie in de rangen van de ondermaats dienende vijftien procent eindigde, werd ontslagen of overgeplaatst. De opvattingen van Skilling schiepen een competitieve cultuur waarin vrijwel iedereen zijn zelfzuchtige genen onbeteugeld de ruimte gaf: zelfs vertegenwoordigers van het gerenommeerde accountskantoor Arthur Andersen rommelden mee door evident onjuiste jaarrekeningen goed te keuren en documenten te verdonkeremanen. Een onderzoek waaruit bleek dat de winsten van Enron op drijfzand berustten - het bedrijf stond voor twintig miljard dollar in het krijt – luidde het failliet in van Skilings gedachtengoed. Het bankroet van Enron leidde tot aanscherping van de regelgeving rond corporate governance. Warren Buffet wist het meest profijtelijke onderdeel van het bedrijf over te nemen, de Nothern Natural Gas company. Skilling werd veroordeeld tot 24 jaar gevangenisstraf. Na vooraftrek en mede dankzij nog altijd doorlopende juridische procedures, hoopt hij al over een paar jaar vrij te komen.


7. Conseco, Inc.

Datum: 17 december 2002

Bedrag: $ 61 miljard




Iets minder spectaculair is het verhaal van Conseco, een amalgaam van verzekeringsbedrijven met het HQ in de Amerikaanse staat Indiana. Eind jaren negentig verslikte de onderneming zich na in een rap tempo een aantal branchegenoten te hebben opgeslokt, aankopen die werden gefinancierd door middel van riskante hefboomconstructies. Tot verdriet van veel analisten werd het bedrijf niet tot op het bot afgestraft voor zijn roekeloze handel en wandel op het overnamepad. Eind 2002 deed Conseco een beroep op de Chapter 11-procedure, ontdeed zich van zijn schuldenlast en wist negen maanden later te herrijzen als de CNO Financial Group.


8. MF Global Holdings Ltd.

Datum: 31 oktober 2011

Bedrag: $ 40 miljard




Het heeft er alle schijn van dat ook het bankroet van MF Global het gevolg was van de dramatisch wijzigingen in de marktomstandigheden die vanaf 2008 optraden als gevolg van de kredietcrisis. Maar voor Man Financial, zoals dit bedrijf uit New York ook bekend stond, gaat deze vlieger niet op. Voor deze wereldwijd opererende makelaar in financiële derivaten begon de ellende met een ordinaire boete, geen verkeersboete maar een 10.4 miljoen dollar grote sanctie, in februari 2008 opgelegd wegens ongeautoriseerde handel voor eigen rekening. Een maand later zakte de koers in omdat analisten twijfels uitten over de liquiditeit van de firma. MF Global wist te overleven maar niet door zijn gedrag te verbeteren: in december 2009 liepen de New Yorkers weer tegen een boete aan, opnieuw tien miljoen dollar groot en opnieuw wegens haperend risicomanagement. Als een badeendje veerde het bedrijf terug om tenslotte toch kopje onder te gaan. In oktober 2011 werd duidelijk hoe het management zijn contante problemen had weten op te lossen: door 700 miljoen dollar van de rekening van klanten naar een eigen rekening over te pompen. Voor gasten met dit soort vergrijpen achter hun naam, was er geen Chapter 11 reddingsboei voorhanden. Liquidatie werd onafwendbaar.


9. Chrysler

Datum: 30 april 2009

Bedrag: $ 39 miljard




Anders lag het voor Chrysler, het eerste grote Amerikaanse autobedrijf dat omviel als gevolg van de recessie die in 2008 intrad. Een door Washington aangelegd infuus van vier miljard dollar kon niet voorkomen dat de automaker uit Michigan surseance moest aanvragen: de activiteiten werden verkocht aan de nieuwe onderneming Chrysler Group LLC, met het Italiaanse Fiat, vakbonden en de Amerikaanse en Canadese overheid als belangrijkste aandeelhouders. In januari nam Fiat Chrysler helemaal over.


10. Thornburg Mortgage Inc.

Datum: 1 mei 2009

Bedrag: $ 36 miljard




Hekkesluiter in deze rij is Thornburg, een hypotheekbank uit Santa Fe, New Mexico. Toch waren analisten verrast dat juist Thornburg het niet wist te redden. Immers, een gemiddelde Thornburg-klant beschikte over een inkomen van 204.012 dollar en een hoge kredietwaardigheidsscore (FICO-score) van 743. De curator van Thornburg, Joel Sher, meende dat de bank slachtoffer was geworden van ongerechtvaardigde margin calls, de gevreesde verzoekjes om de dekkingsgraad op te hogen zouden zijn georkestreerd door grootbanken als Citigroup, de Royal Bank of Scotland en Credit Suisse. De calls lekten uit waarop beurswatchters een verkoopadvies gaven waarmee de afbladdering van de bank begon, culminerend in het faillissement van 2009. Curator Sher beschuldigde vijf banken van samenzweerderig optreden in een poging het bij Thornburg voor het zeggen te krijgen. Hij stapte naar de rechter en eiste twee miljard dollar. Maar ook de Amerikaanse toezichthouder SEC mengde zich in de zaak. Zij verdenkt drie executives bij Thornburg ervan investeerders te hebben misleid door de indruk te wekken dat de bank in staat was aan de opgeschroefde eisen tegemoet te komen. De zaak is nog onder de rechter.


Volg het laatste nieuws en insolventies via Twitter
Volg het laatste nieuws en insolventies via Facebook
  • Binq Media B.V., Media Park, Locatie Heideheuvel H1, Mart Smeetslaan 1, 1217 ZE Hilversum, Nederland