De bankgarantie die een verhuurder heeft lijkt nog maar weinig waard na faillissement van de huurder van onroerend goed. Dit volgt uit een recente uitspraak van de Hoge Raad van 14 januari 2011. Advocaat David Pijl van Poelmann Van den Broek advocaten in Nijmegen legt in zijn artikel de gevolgen uit voor de vastgoedsector van deze uitspraak van de Hoge Raad.
David Pijl: "In geval van faillissement van de huurder kan de verhuurder niet zonder meer de bankgarantie uitwinnen voor de schade die de verhuurder lijdt als gevolg van het faillissement, aldus de Hoge Raad. De redenering achter dit oordeel is dat de curator bij faillissement van de huurder de huurovereenkomst kan beëindigen door opzegging. De huurder is in dat geval niet schadeplichtig jegens de verhuurder die door deze vroegtijdige beëindiging van de huurovereenkomst toekomstige huurpenningen mist. Indien de verhuurder zijn schade alsnog zou kunnen verhalen op de bankgarantie zou dit een doorkruising zijn van het wettelijke systeem.