
Oorzaken zijn onder meer verhaal door pand- en hypotheekhouders, een reddingscultuur die faillissementen uitstelt, een breder takenpakket van curatoren en vermogensonttrekking door fraude. Voorgesteld wordt faillissement te reserveren voor zaken met meerwaarde en alternatieven als turboliquidatie te versterken.
Voor financiering liggen drie opties voor: niets wijzigen, betrokkenen laten bijbetalen, of een collectief fonds. Het kabinet neigt naar bijdragen van betrokken partijen.